De scheg en het roer – deel 5 (en slot)
Tot slot van onze serie met diverse ervaringen over scheg en roerproblemen, het verhaal van
Anton B. die in 2000 de originele scheg- en roerconstructie van zijn Leisure 23 liet
wijzigen in een nieuw en specifiek voor zijn Che ontworpen balansroer. Ook deze werkzaamheden
zijn toen uitgevoerd door het gespecialiseerde bedrijf Modus Marine in Lelystad.
In de afgelopen afleveringen is de oorzaak van scheg- en roerproblemen wel duidelijk geworden.
Bij ons bleek in het vroege voorjaar van 2000, een scheur aan de bovenzijde van het roerblad
direct bij de r.v.s. roerkoning de boosdoener van al het leed. Een bezoek met een gedegen
onderzoek van een specialist van Modus Marine deed ons beseffen dat varen met dit roer niet
meer kon. Zijn verhaal werd bewaarheid nadat ik ter plaatse Modus Marine mondeling de
opdracht had gegeven voor het maken van een nieuw roer. Eén tik met een beitel op de naad van
de twee roerbladhelften en de beide helften vielen met een klap op de grond. Toch wel een stom
gezicht een dergelijk roergeraamte dat dan onder je geliefde boot hangt. Bij verder onderzoek
bleek ook dat de scheg voor de helft vol met water stond en dat naast een nieuw roer dus ook de
scheg op (korte) termijn moest worden vervangen. Dat zou dus een dure grap gaan worden. Een
bijkomend probleem was ook dat Che niet meer naar Lelystad kon worden gevaren. Dat in
tegenstelling tot de Balans, die vorig jaar met een noodscheg wel zelf nog naar Lelystad kon
varen. Che moest dus op locatie in de winterstalling in Naarden worden hersteld, want over de
weg naar Lelystad brengen was ook erg kostbaar. Er werd een kostenschatting gemaakt en die viel (zoals altijd) erg tegen.
Maar Modus Marine dacht mee en opperde de mogelijkheid van een balansroer dat speciaal voor Che zou kunnen worden ontworpen.
Hoewel ik dezelfde scepsis had als Paul M. werden de voordelen van een balansroer boven de huidige scheg- en roerconstructie mij
steeds duidelijker.
Het grootste voordeel zou worden dat Che minder loefgierig zou zijn met zeilen en dat Che aanmerkelijk beter zou gaan reageren op
roerbewegingen. Wel wilden we nog steeds kunnen blijven droogvallen, maar ook dat is met een
balansroer mogelijk. Het prijsverschil tussen de beide offertes en de garantie dat we toch
kunnen blijven droogvallen gaf de doorslag om in deze situatie voor een balansroer te kiezen. En
dat een boot met een balansroer ook kan droog vallen, bewijzen de stoere Engelse
Westerly's en de moderne Amerikaanse Hunters al jaren.
Op
de foto rechts ziet u de bestaande scheg- en roerconstructie onder een Leisure
23. Ik zal even in vogelvlucht vertellen wat er aan Che is gebeurd, alvorens zij
dat voorjaar met een nieuw en op maat gemaakt balansroer te water ging in een
nieuwe eeuw. Allereerst is het roerframe (de roerbladen waren er al af)
verwijderd door de achterkant van de boot eerst op te hijsen. Vervolgens is de
scheg onder de boot afgeslepen. De toen zichtbare afgeslepen bouten van de scheg
zijn met laagjes epoxy waterdicht weggewerkt tot een totale laagdikte van ca. 20
mm.
Vervolgens is het balansroer ontworpen met de navolgende specificaties:
- Het roer moest ca. 50 mm minder diep gaan steken als de kimkielen. Ook al
zitten we allemaal in de kuip, dan moet Che op zijn kimkielen de grond raken
en niet op zijn roer. Ook in de winterberging op de kant moet de boot op
mijn kimkielen staan en niet op het roer.
- Het roer moet, als je het om zijn as draait, niet de schroef van de
inboardmotor kunnen raken. Het roer heeft hierop een speling van ca. 30
mm.
- De roerkoning as van het bestaande roer heeft een dikte van 20 mm,
voldoende om hierop te kunnen droogvallen. Bij ons balansroer is uit
zekerheid een nieuwe r.v.s. roerkoning gebruikt van 25 mm dikte. Als we gaan
droogvallen of als we ’s-winters de kant op gaan, moeten we er alleen op
letten dat het roer in de middenstand staat; maar dat moesten we met het
oude roer ook doen dat wijzigt dus niet.
- Er werd een nieuwe r.v.s. hennegatskoker toegepast (omdat de roerkoning 5
mm dikker werd) die nu ook aan de bovenzijde waterdicht is verbonden met het
brugdekje achter de helmstok (dus in de bakskist achter). Hierdoor kan er
geen buitenwater in de bakskist meer komen wat bij de oude en te korte
hennegatskoker wel kon. Ook heeft dit een constructieve functie. Aan de
bovenzijde van het roerblad zit een dikke kunststof ring. Bij het
droogvallen schuift het roer iets omhoog zodat de kunststof ring tegen de
romp aan drukt. De kracht die het roer dan op de romp uitoefent wordt dan
zowel door het versterkte vlak van de romp opgenomen alsook nu door het
brugdek in het dek. Overigens heeft de bovenzijde van het balansroer
dezelfde helling als het versterkte vlak van de romp.
Op
de linker foto ziet u het resultaat; een op maat ontworpen balansroer met 10
jaar schriftelijke garantie. Het is de derde Leisure in de geschiedenis met een
afwijkende roervorm. Er is vóór ons door Modus Marine ook een Leisure 27
voorzien van een op maat ontworpen balansroer. In Engeland heeft een eigenaar
zelfs zijn Leisure 23SL voorzien van een aangehangen roer om de
vaareigenschappen te verbeteren.
En wat zijn nu na 4 vaarseizoenen de ervaringen met een Leisure 23 met een
balansroer? Welnu persoonlijk gezien ca. 85 % positief en ca. 15 % negatief;
want elk voordeel heeft natuurlijk z’n nadeel. Zoals u waarschijnlijk al weet
is de Leisure 23 ontstaan uit de Leisure 22. Indeling en dek zijn nagenoeg
identiek aan elkaar echter de rompvorm is anders. De Leisure 22 was ontworpen
door Graham Caddick waarna ontwerper Frank Pryor een nieuwe romp en zeilplan
voor de Leisure 22 tekende en zo de 23 ontstond.
In
het verleden heb ik binnen de LCH het voorrecht gehad om met alle typen Leisures
te kunnen zeilen. Een voordeel als je je op jongere leeftijd vaak als opstapper
beschikbaar stelt bij clubevenementen en je ouders gewoon met de eigen boot
varen. Als een Leisure 22 goed is getrimd dan is een Leisure 22 letterlijk en
figuurlijk 100 % koersvast. Zelfs met vlagerige wind en ook als je van de hoge
naar lage kant gaat zitten blijft een Leisure 22 zonder meer koersvast en kun je
de helmstok gewoon loslaten. Daarintegen is de Leisure 23 zonder meer loefgierig
te noemen. Telkens weer wil een 23 bij aan de windse koers zijn kop in de wind
gooien. Wel een veilige eigenschap, maar dat betekent altijd flink tegensturen
om de boot op koers te houden. Bij de Leisure 23 SL is deze onaangename
eigenschap onderkend en is de mast beter trimbaar gemaakt door de mastvoet op
een slede te zetten.
Welnu met het balansroer is de Che zijn loefgierigheid geheel kwijt. Zoals al
door Modus Marine werd voorspeld ligt de Che met zeilen nu geheel neutraal op
het roer en is op alle koersen (dus ook de aan-de-windse met veel wind) met een
pink te sturen. Daarnaast is Che in zijn algemeen veel beter manoeuvreerbaar.
Hij draait nu letterlijk en figuurlijk om zijn eigen as ………..uh kimkielen
omdat het roer gewoon 360 graden om zijn as kan draaien. Che heeft een
inboardmotor en achteruit de box uitvaren draaide hij altijd eerst met de kont
naar rechts (schroefwerking) en moest wat snelheid hebben om naar links te
kunnen sturen. Door de betere roerwerking (het oppervlak van het roer waarmee je
stuurt is veel groter geworden) is het achteruit manoeuvreren nu veel beter
geworden en gaat direct naar de richting waar je naartoe wilt. Maar zoals ik al
zei er zijn ook een paar nadelen. Met het varen kan je het (gevoelige) roer niet
meer los laten. Met name op de motor (waarschijnlijk ook weer door de
schroefwerking van de inboardmotor) loopt Che direct uit zijn koers. Deze
eigenschap is in mindere mate ook bij het zeilen. Een en ander houdt in dat de
automatische pilot of het fokkenmaatje nu het roer gelijk moet overnemen als de
schipper naar voren gaat of even iets anders moet gaan doen.
Resumé: In onze situatie en in onze omstandigheden heb ik achterafgezien
geen spijt van mijn beslissing om een balansroer te laten maken. En dat is niet
alleen financieel gezien. De voordelen van het balansroer ervaar ik elke dag dat
ik zeil en een Leisure 23 is nu eenmaal een zeilboot en geen motorboot. Met de
ervaringen en waarschuwingen voor scheg- en roerproblemen die u in uw
Leisurekrant in de afgelopen periode hebt kunnen lezen, hoop ik voor u dat u
nooit de keuze hoeft te maken voor of een nieuw balansroer of een nieuwe
originele scheg- en roerconstructie. Maar voor het geval dat u wel zult moeten
kiezen dan is voor een Leisure 23 een balansroer een goed alternatief; voor
bijvoorbeeld een Leisure 22 zeker niet. (Anton B.)
Diverse balansroeren


